Ik loop over een landgoed. Af en toe stop ik om mijn spieren op te rekken. Mijn lijf is voornamelijk een grote brok pijnlijke spanning. Loslaten durft het nog niet.
Het is prachtig hier. Ik verlangde naar de geur van het bos en mijn lijf voelen. Niet uren zitten staren naar mijn telefoon, wachtend op tekens van leven van anderen, maar zelf een leven maken. Ik probeer in gedachten te varen op een rustige stroom van veiligheid en vertrouwen, maar vind het moeilijk. Ik probeer met mijn voeten stevig op de grond te blijven staan, te voelen dat het fundament sterk genoeg is, niet zomaar zal breken. Ik probeer optimistisch te zijn. Maar ik mis haar nu al, deze ene dag dat ik haar niet zie. Ik denk terug aan de Singel in Utrecht, over drie dagen een halfjaar geleden. Ontluikende lente, mijn hand die de hare voorzichtig pakt. Hoe we zitten op een bankje en hoe ze dan snuffelt in mijn nek om mijn geur op te snuiven. Toen voor het allereerst, maar nu doet ze het nog steeds vaak. Het begin van een reis, daar aan die gracht. Weerbarstig, mooi, intens. Leren vertrouwen, maar toch kwetsbaar blijven.
Alleen zijn heeft een andere dimensie gekregen, want er is nu altijd iemand anders in mijn gedachten. Alleen durven en kunnen zijn was altijd al een hele kunst, maar nu al helemaal. Dwars door het missen en het verlangen je eigen dag blijven vormgeven.
Ik drink een kop koffie en ik lees een boek. Ik maakte een wandeling, fietste een eind en deed zelfs wat yoga-oefeningen. Mijn lichaam doet zeer van de spanning, mijn hoofd verlangt. Alles piept en kraakt. Maar ik sta niet stil.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

You may use these HTML tags and attributes:

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.