GGZ-crisis: iets signaleren en er iets bij voelen is niet genoeg

In de nieuwe serie Tygo in de Psychiatrie onderzoekt Tygo Gernandt hoe psychische labels worden opgeplakt en vraagt hij zich af of dit de juiste manier is. Waar ik eerst nog wel enthousiast kon worden over nieuwe initiatieven omtrent de crisis in de GGZ, voel ik tegenwoordig ronduit woede en verdriet.

‘Hé kijk, er zit een scheur in de weg!’

Het voelt alsof er al minstens tien een jaar een scheur in de weg zit. Eens in de zoveel tijd loopt er iemand langs. ‘JOHN!! Kijk die scheur nou, wat idioot, dat de regering daar niks aan doet.’ ‘MIE-HIEEEEN! Een scheur! Wat zullen daar veel mensen over struikelen! We gaan een hashtag in het leven roepen, #dichtdescheur, dat zal ze leren.’ ‘Henk! Film die scheur en dien het in als docu! We zullen het land laten zien wat die scheur doet met mensen!’ Ze voelen wat, reageren vluchtig en lopen vervolgens weer door.

Ondertussen weten alle hoge piefen allang van de scheur af. Er zijn reeds tientallen duur bekostigde rapporten over geschreven en er hebben al genoeg belangrijke instanties ‘de noodklok geluid’. Iedereen heeft ook al wel eens wat gevoeld bij die scheur (‘verontwaardiging’, ‘onmacht’, ‘schok’) maar de scheur is ook een status quo geworden. ‘Ach, die Piet Hendrikstraat? Daar zit al járen een scheur in.’ ‘Moet je door de Piet Hendrik?! Je kunt beter een alternatieve route nemen!’

Ik schrik niet meer, maar voel me murw

Iets signaleren, er iets bij voelen en daar vervolgens direct naar handelen, is niet genoeg. Dat blijkt wel uit het feit dat er nog maar zo weinig veranderd is. Hoe meer mensen weten over ‘de scheur in de Piet Hendrikstraat’, hoe beter, natuurlijk. Maar het is ook tijd voor het met elkaar uitdenken van een constructieve oplossing. Het liefst eentje met visie voor de komende twintig jaar, op zijn minst.

Maar dan rijst bij mij de vraag: kunnen we dat nog? Kunnen we voorbij ‘het dier in ons’, zijn we nog in staat om voorbij onze eerste impulsen te denken? Hebben we nog het geduld om langere tijd te werken aan iets wat verder gaat dan een quick fix?

Verder denken dan onze dierlijke impulsen

Wat ons onderscheidt van dieren is ons vermogen om ver vooruit te denken en te dromen over wat nog niet heeft plaatsgevonden. Wat ons niet onderscheidt van dieren is ons verlangen om in het nú te reageren op prikkels en in het nú bevrediging te zoeken als reactie op die prikkels. Op zoiets groots als een GGZ-crisis direct reageren met een hashtag, een schreeuw op Twitter of een nieuw platform is dan ook met name een reactie vanuit het ‘dier in ons’.

Toen ik het nieuws las over de serie van Tygo, dacht ik: weer een serie die directe emoties gaat losmaken bij mensen, die maakt dat we ons een moment saamhorig kunnen voelen in gedeelde verontwaardiging en onmacht. Daar is niks mee, maar om alles in balans te houden, ben ik ook op zoek naar nieuws dat vertelt over mensen die elkaar hebben gevonden en die jarenlang hun eilandjes gaan verlaten om met elkaar rustig na te denken over concrete, houdbare oplossingen voor de lange termijn.

Ik hoop op mensen die de tijd durven nemen

Ik geloof in de capaciteit van de mens om de GGZ-crisis het hoofd te bieden. Als de mens weer in staat is ideeën te laten rijpen, grondig te onderzoeken, los van de tijd… Dan geloof ik dat wij het antwoord aan kunnen dragen. In die zin maakte het nieuws van de nieuwe politieke partij NLBeter me al blijer. Of een partij als De Nieuwe GGZ. Ik hoop dat zij de rust weten te bewaren, ondanks het feit dat er eigenlijk geen tijd te verliezen is.

Ik hoop op degelijkheid, ik hoop op langetermijnvisie en ik hoop op mensen die ondanks de grote urgentie de tijd dúrven nemen om tot een goede oplossing te komen. Ik hoop op menselijkheid, die rekening houdt met het dier in ons, maar gedragen is door wat ons onderscheidt van dieren: ratio, langetermijnvisie en dromen over dat wat nog niet bestaat.