Categorie: Dagboek (pagina 1 van 9)

17 februari 2018 – Kameleon

Ik heb lang gedacht dat ik te gevoelig was. Ik voelde haarfijn aan hoe iemand wilde dat ik zou zijn, en was dat vervolgens ook. Tot ik alles kon zijn, behalve mij. Een kameleon pur sang. Uiteindelijk hervond ik mezelf, maar merkte ik dat ik die skill van het transformeren op het juiste moment nog steeds heb. Ik kan grapjes maken om spanning weg te halen, de juiste dingen doen om te bereiken wat ik wil, aanvoelen welke toon ik aan moet slaan in een conversatie. Het is natuurlijk niet feilloos, maar ik merk dat het vaak werkt. Ik kan mensen voor me winnen, of aan ‘damage control’ doen als dat nodig is. Ik kan een sfeer bepalen, of een gesprek sturen. Het is een handigheidje, dat me eerst volledig genekt heeft. Maar ik merk steeds vaker dat het ook z’n voordelen heeft. Dus zet ik het in, als dat handig is. Maar gooi ik het net zo lief het raam uit, als ik gewoon even ongestoord mij wil zijn, zonder trucjes.

12 februari 2018 – Alternatieve route

Soms moet ik niet te lang nadenken, maar gewoon springen met mijn ogen dicht. Want ik denk zoveel na, dat de kans groot is dat ik eindeloos blijf twijfelen bij de rand. Ik sta stil, kom niet vooruit, veel te druk met peinzen en zeker moeten weten.
Terwijl ik nooit absolute zekerheid zal krijgen en zoveel van beweging houd. Stilstaan maakt me ongelukkig en daarom moet ik af en toe gewoon gáán. En dan zie ik wel weer waar het schip strandt. Als het me niet bevalt, zie ik het maar gewoon als een alternatieve route, van waaruit ik ook weer terug kan keren naar huis. Mét extra levensevaring op zak.

1 februari 2018 – Wankel evenwicht

Als ik iets doe, doe ik het intens en ben ik in staat om mezelf ermee uit te putten. Het heeft lang geduurd voor ik besefte dat ik werk, ook al is het zelf gecreëerd en op vrijwillige basis. Ik stop heel veel energie, liefde en tijd in een project dat me aan het hart gaat. Het geeft me vanalles, biedt me uitdaging en maakt me blij. Maar ook hier ligt het gevaar op de loer. Ik kan zo diep in dingen duiken, dat het Alles wordt. Ik kan er letterlijk de hele dag mee bezig zijn, ook al ben ik op het oog iets anders aan het doen. In mijn hoofd kan het doorgaan, of tussen de bedrijven door op mijn telefoon, in de gesprekken die ik voer. Het maakt dat de wereld om me heen kleiner wordt, tot deze verdwijnt. Dat is fijn voor een paar uurtjes, maar na een hele dag me onderdompelen ben ik kapot. Dan ben ik mentaal en fysiek leeg, voel ik me doodmoe en begint mijn lijf te sputteren. Dan weet ik dat ik weer te diep ben gegaan.
Het is een wankel evenwicht, want ik wil die intensiteit ook niet kwijt. Het zorgt ervoor dat ik dingen goed doe en zorgvuldig, dat er gevoel in zit, dat het werkt. Maar ik wil mezelf ook niet kwijt en al het andere in het leven dat losstaat van werk. Dat maakt dat ik moet zoeken, elke keer weer, hoe ik omstandigheden kan creëeren waarin ik me veilig kan verliezen, zonder kwijt te raken.

25 januari 2018 – Baby-universum

Ik weet niet in hoeverre ik wil passen in deze wereld. Ik vind het daar namelijk niet per se leuk. Het is voornamelijk een decorum met zelfverzonnen regels waar men zich dan alsnog heilig aan dient te houden. Een wereld waarin we slaafs nastreven wat we zelf hebben bedacht. Nee, ik creëer dan toch liever m’n eigen baby-universum, waarnaar ik kan terugkeren als ik de wereld zat ben. Maar ik wil daar wel graag mij kunnen zijn, met alles wat bij me hoort. Ik wil geen dingen meer verzwijgen die ik eigenlijk zou willen delen. Me niet groter voordoen dan ik ben. Dingen doen die niet goed zijn voor mij, puur gebaseerd op wat een ander misschien van mij verwacht. Maar het nastreven hiervan kost lef en soms verlies ik mezelf even uit het oog. Ik strijk mensen liever niet tegen de haren in, wil niet onnodig pijn doen. Maar iets in mij wil ook schijt hebben en pal voor mezelf gaan staan. Het is een wankel evenwicht, maar wel een interessante. Strijden voor mezelf, maar niet verworden tot een asociaal persoon. Dat is wat ik probeer.

9 januari 2018 – Kletsmajoor

Ik ben je reinste kletsmajoor. Ik blufte me met gefaket zelfvertrouwen door moeilijke gesprekken en spannende ontmoetingen. Maar het vrat energie. Want die kant die zo makkelijk sprak en zo spontaan overkwam, kon ik niet uitzetten. Ik kwam niet meer terug bij de introverte persoon die ik eigenlijk ben, bij mijn gevoel. Dus verloor ik vrachtladingen vol energie en verstopte de emotie zich in psychische klachten, pijn en vermoeidheid. De psychiater brak die fake extravert tot de grond toe af, tot er bijna niets van me overbleef. Eén van de beste dingen die iemand ooit voor me heeft gedaan, want vanuit dat niets kon ik gaan bouwen en voelen wie ik ben en wil zijn. Vandaag de dag kan ik nog steeds bluffen. Ik stuur moeilijke mailtjes, voer enge telefoongesprekken, stap winkels in, klets met kennissen. Ik kan de meest spontane griet zijn die je ooit zag. Maar op deze zelfde dag zat ik ook een halfuur verstijfd van angst huilend op mijn bedrand, hing ik hevig stotterend van de stress aan de telefoon met mijn vriendin. Die kant is er ook en die heb ik herontdekt. Ze kunnen naast elkaar bestaan. Niet iedereen hoeft mijn kwetsbaarheid te zien, want die kant is zo persoonlijk en van mij dat hij simpelweg niet iedereen aangaat. Maar als ik wil dat iemand het wél ziet, dan kan ik voorzichtig de luikjes opengooien en laten zien wie ik daadwerkelijk ben: een introvert, verlegen wezen met een enorm grote mond.

7 januari 2018

Naar buiten gaan is niet dé oplossing voor depressie of ander psychisch leed, in mijn opinie. Soms is rechtop gaan zitten in je bed al de grootste klus en is de deur uitgaan letterlijk een stap te ver. Feit is voor mij wel dat ik me geheid wat beter voel als ik er eenmaal ben. M’n problemen lossen zich niet automatisch op als sneeuw voor de zon, maar het wordt wel tijdelijk lichter in mijn hoofd. De kleuren van de bomen in de zon en de vrouw aan mijn zijde zorgden er vandaag voor dat de tranen bijna in mijn ogen stonden. Schoonheid komt soms onverwachts en overrompelend, precies als je het nodig hebt. De natuur geneest mij niet, maar biedt zeker een helpende hand. De vrouw redt mij niet, maar is een steun in de rug. Vandaag werd ik wakker door de zon die door mijn raam scheen en ik voelde dat ik zin had om op te staan. Dat was alweer even geleden. Ik ben blij met deze mooie dag, die geen oplossing bood, maar wel een groot cadeau.

5 januari 2018

Doorzetten. Volhouden. Niet opgeven. Uitpluizen. Positief denken. Allemaal dingen die als positief worden beschouwd. Als constructief, helpend, dé manier om vooruit te komen. Ook door mij. Want ik ben bij uitstek iemand van het ‘Niet lullen maar poetsen’-model. Is er een probleem? Meteen oplossen. Is er een negatieve emotie? Gelijk de oorzaak achterhalen. Loopt het even niet lekker? Direct kijken wat er anders kan. Deze aanpak heeft me ver gebracht. Want het zorgt ervoor dat ik me red. Dat ik nooit geheel ontspoor, dat het nooit volledig uit de klauwen loopt. Maar het zorgt ook voor veel druk. Want dat grote gevoel van verantwoordelijkheid richting mijn leven genereert faalangst. Als ik me niet blij voel, als het toch niet goed gaat, als het simpelweg allemaal zwart is, dan is dat mijn schuld. Dan moet ík iets veranderen, waardoor het weer beter zal gaan. Dan moet ík anders naar het leven kijken, waardoor ik het positieve weer zie. Zwartheid mag niet bestaan. Daar moet altijd een plan de campagne omheen worden verzonnen, een tintje hoop aan worden gegeven. Maar zwart is ook een kleur. Waarom mag die er niet zijn? Waarom wordt het dwangmatig uit mijn palet geweerd?
Op dit moment voel ik me zwart. Pikzwart. Ik wil niks. Ik vind alles stom. Ik heb intens veel pijn. Alles in mij vindt dat ik het nú moet oplossen. Dat ik iets moet verzinnen waardoor het beter wordt. Dat ik nú de oorzaak moet achterhalen, dingen moet loslaten en veranderen.
Maar dat ga ik nu eens niet doen. Ik doe gewoon even helemaal niets. Het is zwart en hoe lang het zo gaat blijven, weet ik niet. Maar ik doe er een keertje helemaal niets aan. Kijken wat er dan gebeurt.

1 januari 2018

Ik struikel over de drempel van 2018, hup het nieuwe jaar in. Huil gelijk alles bij elkaar, kijk gedesillusioneerd naar het vuurwerk, met mijn gedachten mijlenver weg. Het jaar is schoon, fris en nieuw, maar ik ben dat niet. Alles wat ik in 2017 bij me had sleep ik zo mee het nieuwe jaar in. Schoon schip maak je niet met het verwisselen van een jaartal. Toch schieten mijn gedachten even terug naar oudjaar vorig jaar. Ik zat alleen thuis. Te moe om samen met mensen te kunnen zijn. Om 12 uur keek ik even door het dakraam naar al het vuurwerk en dook daarna mijn bed in. Het idee van het in mijn eentje vieren voelde zo stoer, de uitwerking was simpelweg eenzaam, zoals het grootste gedeelte van mijn leven.
Ook deze keer staar ik om 12 uur naar het vuurwerk, ditmaal met de liefste vrouw aan mijn zijde. En toch voel ik me onverminderd alleen. Soms is je alleen voelen niet op te lossen met gezelschap, kan ik haar missen als ze naast me staat. Wat ik mis is waarschijnlijk iets anders. Het is het verlangen naar dat puzzelstukje dat de leegte op zou kunnen vullen, wetende dat geen eentje ooit zal passen. Ik moet leren leven met leegte, hoe vol en rijk mijn leven ook is. Hoeveel ik ook van de vrouw naast me houd. Al zou ze me alle sterren aan de hemel geven, ze zou me nooit dat ene puzzelstuk kunnen aanbieden. Daarmee leren dealen is aan mij, niet aan haar.
In 2018 worden de mensen niet ineens lief, wordt het geen wereldvrede, redden we wéér de aarde niet. Is er niet ineens ‘gemeenschapszin’, zoals onze koning dat zo bedenkelijk uitdrukt. In 2018 is er alleen de mogelijkheid om in mijn eigen, kleine universum zoveel mogelijk vrede te creëren. Echtheid, eerlijkheid en ruimte in mijn eigen kleine koninkrijk. En dat zal ik zeker niet laten. Ik kruip 2018 in op handen en knieën. Ik ben zo moe en kapot. Maar ik weet ook dat ik, net zoals alle jaren hiervoor, het leven nooit door mijn vingers zal laten glippen. Hoe ruk of kloterig het zal zijn, hoe moedeloos ik me ook voel.
Ik ben alleen, maar niet meer eenzaam. Ik ben krachteloos, maar niet zonder moed. Ik ben verdrietig, maar niet zonder geluk.

26 december 2017

In mij schuilt een temperamentvol wezen. Dit is me vaak verteld, maar even vaak heb ik het volledig afgezworen. Ik was de koningin van de beheersing, van de redelijkheid, van de controle en ik was er trots op. Ik zou nooit schreeuwen, slaan, schelden. Ik zou altijd rustig praten, mijn excuses aanbieden, over alles goed nadenken.
Die oerwoede, dat vond ik maar dierlijk. Waarom zou je ten prooi vallen aan je meest primitieve gevoelens? Waarom zou je zo zwak zijn om jezelf niet in de tang te kunnen houden?
Maar langzamerhand kom ik erachter dat het zo niet werkt. Want alles wat ik niet uit, slaat zich vanbinnen op en maakt me letterlijk ziek. Uit zich in angst, pijn, zelfhaat, depressie.
Dus probeer ik soms iets meer te uiten. Ik brul van frustratie, sta te huilen in het openbaar.
Ik voel woede en verdriet, maak het vervolgens niet weg. En dat voelt onwennig, maar gek genoeg ook goed. Want ik merk dat er in het gewoon voelen van mijn emoties, onredelijk of niet, heel veel kracht schuilt. Ik vind er de drang om voor mezelf op te komen, om niet over me heen te laten lopen. Ik vind er de moed om te zeggen wat me dwars zit. Ik vind er de overtuiging dat ik sterk ben, dingen heus aankan.
Ik vind het ook een beetje eng. Want ik voel nu pas hoeveel temperament er schuilgaat achter die emoties. Wat gebeurt er als ik het deksel van dat vat vol woestheid afhaal? Word ik dan zo’n felle vrouw, voor wie de mensen een beetje bang worden? Moet ik het dan weer leren doseren, omdat het te veel wordt?
Ik ben benieuwd waar het heengaat. Misschien markeert 2018 wel het einde van de controlfreak in mij en mijn engelachtige imago. Ik ben benieuwd welk wezen uit de cocon komt gekropen. Hoe gevaarlijk ze precies is, hoeveel vuur ze spuwt. Spannend!

16 december 2017

Het zonnetje schijnt eindelijk weer eens door mijn raam, de lucht is zelfs behoorlijk blauw.
Gisteren was een bizarre dag. Soms heb je zo’n dag dat alles ineens tegelijk gebeurt. De liefste mails, de tofste voorstellen, de meest intense momenten van besef. Een week in één dag gepropt, waar ik even van uit moet hijgen. Ik ga proberen de dingen stap voor stap te blijven doen, bij elke stap me bewust afvragend of het echt past bij mij. Mijn perfectionisme mag mee, maar ik ga proberen het niet al te verstikkend te laten werken. Eerder als bewakingsmechanisme van mijn principes en idealen. Ik heb een helder beeld voor ogen en dat is niet erg, maar soms werkt het verlammend. Want ik voldoe nooit volledig, schiet altijd enigszins tekort. Er zijn altijd duizend redenen om mezelf om de oren te slaan, want goed genoeg is het nooit. Maar is dat erg? Is dat een reden om dingen maar te laten, of me er doodmoe doorheen te slepen? Te gebruiken als uitputtingsslag, zodat ik door mezelf te straffen voor het tekortschieten mijn dromen minder zal kunnen verwezenlijken?
Dingen om over na te denken. Ik moet mezelf in de smiezen houden. Voor mezelf opkomen. Bij mezelf blijven. Dan wordt het fijn en op een goede manier spannend. Dan kan het wel eens een hele mooie reis gaan worden.